NL:Spanje telt
ruim 43,2 miljoen inwoners. De hoofdstad van Spanje is
Madrid. Spanje is een parlementaire
monarchie onder
Juan Carlos I, met een
grondwet uit 1978. Spanje werd lid van de
NAVO in 1981 en is lid van de
Europese Unie sinds 1986. De
euro werd de Spaanse munteenheid op
1 januari
1999, en verving daarmee de
peseta Er zijn in Spanje vier grote talen.
Elke daarvan heeft een officiële status in bepaalde gebieden:
Spaans of
Castiliaans (español, castellano),
Catalaans (català, valencià),
Galicisch (gallego/galego),
Baskisch (euskera/euskara). Lees meer ....
UK:In Spain has
more then 43 million habitants. Madrid is the capital town. The king
is Juan Carlos 1 and since 1978 Spain has a constitution. In 1981
Spain becomes a member of the NATO and since 1981 a member of the
European Union. The Spanish peseta disappeared in 1999 and the euro
was introduced at that time. In Spain there are 4 major languages.
Each of them is an official language in a different part of Spain.
The 4 languages are: Español or Castellano, Català or Valencià,
Gallego or Galego and Euskera or Euskara.
Spanje is gelegen in het zuidwesten van
Europa. Spanje grenst aan zowel Portugal, Frankrijk, Andorra als aan de Britse
kolonie Gibraltar. Spanje heeft een oppervlakte van ruim 500.000km2 waarvan
slechts 1% bestaat uit water. Tot Spanje behoren tevens de eilandengroepen van
de Balearen en de Canarische Eilanden alsmede de noord Afrikaanse steden Ceuta
en Melilla. In totaal zijn er in Spanje 52 provincies en 17 autonome regio's.
Spanje is een democratische monarchie met als koning Juan Carlos 1. Het Spaanse
volkslied heet la Marcha Real. In Spanje wonen ongeveer 44.000.000 inwoners en
het heeft dus een bevolkingsdichtheid van ongeveer 85 mensen per km2. Circa 15%
van de beroepsbevolking is werkzaam in de landbouw en daarmee is Spanje één van
de grootste landbouwproducenten van west Europa. Bekendheid geniet Spanje op dit
vlak door de productie en export van o.a. citrusvruchten (citroenen en
sinaasappelen), kurk, sherry en de Spaanse Wijn. Ook de toeristensector is (met name)
sinds de Franco een belangrijke bron van inkomsten geworden. Bekend zijn de vele
costa's met de voor toeristen herkenbare namen als: Costa Brava, Costa Blanca,
Costa del Sol. Naast de tapas, welke als snacks tussendoor worden gegeten, is de
Spaanse keuken vooral bekend om de tortilla, de gazpacho en vooral de paella.
Spanje is bekend om haar gitaar muziek en de
typische flamenco dansen. De beroemde architecten van Spanje zijn Gaudí en
Manrique. Manrique is bekend om de vele bouw- en kunstwerken welke hij heeft
achtergelaten op het eiland Lanzarote. Gaudí is voornamelijk bekend om zijn
meesterwerken welke hoofdzakelijk in Barcelona te bewonderen zijn. Bekende
Spaanse schilders zijn ondermeer Goya, El Greco, Velázquez en de meer modernere
Pablo Picasso, Joan Miró en Salvador Dali.
Spanje heeft meer dan 35 monumenten en
natuurerfgoederen welke zijn geplaatst op de Unesco lijst van het werelderfgoed.
Enkele voorbeelden hiervan zijn: het historisch centrum van Cordoba, Het
Alhambra in Granada, Kathedraal van Burgos, Escorial in Madrid, Parc Güell en
Casa Mila in Barcelona, Santiago de Compostela, Het Alcazar in Sevilla, Het
centrum van Salamanca, De ommuurde stad Avila, Het nationaal park Doñana, Het
palmenbos van Elche en de historische stad Toledo.
Spanje is bekend om haar vele feesten en
festiviteiten. Velen hiervan hebben een religieuze oorsprong. Nagenoeg iedere
stad en ieder dorp in Spanje heeft haar eigen feest(dagen). Enkele bekende
voorbeelden hiervan zijn Las Fallas, Los Reyes Magos, Feria de Abril in Sevilla
en de San Fermin feesten in Pamplona. In iedere plaats (in het midden en zuiden)
in Spanje vinden de jaarlijkse "Moros y Cristianos" festiviteiten plaats. Er
wordt dan herdacht dat de christenen het dorp of stad weer terug heroverden van
de Moren. De festiviteiten vinden per plaats op meestal een andere datum plaats
en gaan vaak gepaard met optochten en nagespeelde veldslagen.
De volgende nationale feestdagen kent
men in Spanje:
- 1 januari: Nieuwjaarsdag (Año Nuevo)
- 6 januari: Driekoningen (Epifanía del Señor)
- 19 maart: San José
- 8 - 15 april: Heilige Week (Semana Santa)
- maart/april: Witte Donderdag (Jueves Santo) en Goede Vrijdag (Viernes Santo)
- maart/april: Pasen (Dia de Pascua)
- 1 mei: Dag van de Arbeid (dia del Trabajo)
- juni: Pinksteren (Pentecostés)
- 14 - 17 juni: Sacramentsdag (Corpus Christi)
- 15 augustus: Maria Hemelvaart (Asunción de la Virgen)
- 12 oktober: Nationale Feestdag (Fiesta Nacional de España)
- 1 november: Allerheiligen (Todos los Santos)
- 6 december: Dag van de Grondwet (Día de la Constitución Española)
- 8 december: Maria Onbevlekte Ontvangenis (Inmaculada Concepción)
- 25 december: Kerstmis (Navidad)
Wellicht de meest bekende en meest omstreden
traditie in Spanje is het stierengevecht. Volgens velen (Spanjaarden) een sport
waarbij de mannelijke superioriteit t.o.v. de stier tentoon worden gesteld.
Echter voor velen is het een doorn in het oog waarbij sprake is van een
ongelijke strijd en dierenmishandeling. De gevechten vinden plaats in arena's (Plaza
de Torros) en per dag zijn er meestal ongeveer 6 gevechten.
De termen welke in Spanje worden gebruikt
voor het stierenvechten zijn: tauromaquia, corrida of toreo. De stieren welke
hiervoor worden gebruikt zijn speciaal gefokt, vaak in de omgeving van Sevilla
en kenmerken zich door hun kracht en aanvalslust. De stieren welke niet
"uitverkoren" worden om in de arena te mogen verschijnen worden veelal gebruikt
in steden zoals in Pamplona voor het traditionele "stierenrennen".
In tal van steden in Spanje vind je arena's. Via
loting worden de toreadors aan de stieren gekoppeld en meestal "vecht" iedere
toreador per dag met 2 stieren. In Spanje staan de gevechten meestal onder
leiding van een "president" die vaak een lokale politicus of politieagent is. Op
zijn teken wordt de stier de arena in gelaten. Het gevecht verloopt dan altijd
via een vast draaiboek:
* Het doden van de stier moet plaatsvinden
binnen 20 minuten
* De capeadoros leiden de stier af met hun
grote capes, zodat de toreador een indruk kan krijgen van de krachten van de
stier. Mocht de voorzitter vinden dat de stier niet tot een goed gevecht in
staat is dan zwaait hij, ter schande van de fokker van de stier, met een groene
doek waarop de stier de arena moet verlaten.
* Vervolgens betreden de picadoros de arena.
De picadors zitten op geblindoekte paarden die beschermd worden met dekens aan
de flanken. Zodra de stier de paarden aanvallen steken de picadoros hun lans in
de nek van stier. De picador duwt met zijn volle gewicht op de lans wat als doel
heeft de grote nekspier te beschadigen waardoor de stier zijn kop niet goed meer
omhoog kan krijgen.
* Hierna volgt de suerte de banderillas. De
toreador of diens assistenten proberen de banderillas, versierde stokken met
weerhaken aan het einde, in de nek van de stier te steken. Naast het tonen van
dapperheid van de torero en diens assistenten dient dit om ervoor te zorgen dat
de stier blijft aanvallen.
* Nu volgt de suerte de matar. De toreador
draagt de stier op aan iemand in het publiek en gaat met zijn muleta (een
halfronde doek gemaakt van flanel en bevestigd aan een houten stok) de stier
zijn wil opleggen. Dit noemt men in Spanje de faena (voorbereiding op de dood).
De toreador kan hiermee de sympathie van het publiek winnen (men roept Olé of
applaudisseert) of verliezen (boe geroep, fluiten of zelfs het gooien van de
kussens in de arena).
* Na ongeveer 8 minuten geeft het
trompetgeschal aan dat de laatste fase is bereikt, het doodden van de stier. De
matador (in vele gevallen dezelfde persoon als de toreador) moet nu binnen twee
minuten met een krom zwaard in de nek van stier de doodssteek toebrengen.
Gebeurd dat op een "correcte wijze" dan volgt de dood nagenoeg onmiddellijk
doordat het hart wordt geraakt. Raakt men het hart niet dan sterft de stier een
langzame en pijnlijke dood en is soms een tweede steek noodzakelijk. Indien de
matador er niet in slaagt om met één steek of binnen de 2 minuten de stier te
doden dan betekent dat een enorme afgang voor de matador.
Na afloop van het gevecht geeft het publiek
middels het zwaaien met witte doeken hun bewondering aan voor de matador. Hij
kan worden beloont met één of zelfs twee oren van de stier. In bijzondere
gevallen kan hij zelfs de staart van de stier winnen. Heeft hij twee oren
verdiend dan mag hij op de schouders de arena uit worden gedragen. Als het
publiek vindt dat de stier dapper is geweest kan de voorzitter een blauwe doek
tonen als teken dat de stier via een ereronde de arena uit mag worden gesleept.
Dit geeft de fokker en/of eigenaar van de stier een enorme status. Mocht de
stier extreem dapper zijn tijdens het gevecht dan kan het publiek vragen om de
stier niet te doden. De voorzitter zal dan met een oranje doek zwaaien, iets wat
zéér zeldzaam is.
Stierenvechten in Spanje, voor de een een vorm
van cultuur voor de ander een duidelijk geval van pure dierenmishandeling.